Nieuwsarchief Wadlopen 2000 - 2006

WADGIDS VOOR 3 ZAKEN VOOR DE KANTONRECHTER

donderdag 7 maart 2002

LEEUWARDEN - Op do. 7 maart jl. dienden voor de kantonrechter te Leeuwarden drie zaken tegen een en dezelfde persoon, een 38-jarige wadloopgids uit het midden van het land. Op 10 maart 2001 was hij met zes deelnemers 's nachts na een mislukte wadlooptocht Ameland v.v. met reddingsboten van het wad gehaald. Verder was enkele maanden eerder (op 24 september 2000) geconstateerd dat dezelfde gids een tocht naar Engelsmanplaat met 13 personen beëindigde ipv. met de toegestane 12 deelnemers. Tenslotte was er proces verbaal opgemaakt op 16 september 2000 omdat de gids met een groep naar Ameland liep bij onweersdreiging.

REDDING
De mislukte wadlooptocht is uitgebreid in de pers beschreven, zie ook elders op deze website. De betreffende gids had op 10 maart 2001 met zes deelnemers (die zich voorbereidden op een beklimming van de berg Mount McKinley in Alaska) in het duister van de winternacht in duikpakken bij slecht zicht en enige verhoging van de waterstand een 'extreme' wadlooptocht Ameland v.v. (ca. 18 km) afgesproken. Op de terugweg van Ameland naar de wal verdwaalde de groep en werd bij het krieken van de dag, tot hun middel in het koude water staand, met reddingboten van het wad bij Ternaard gehaald. Eerder had reeds de Stuurgroep Waddenprovincies naar aanleiding van dit incident besloten de wadloop B-vergunning voor de gids niet te verlengen. Nu was hij ook nog voor het zelfde incident gedagvaard.

Zowel door de Officier van Justitie als door de kantonrechter werd het maken van de navigatiefout de verdachte zwaar aangerekend. Volgens de verdachte werkte zijn gps-ontvanger niet goed, waardoor het mogelijk was dat men op een totaal verkeerde plek terecht kwam. Dit werd echter door de Officier en rechter niet geaccepteerd. 'U bent een ervaren gids. U had zich moeten vergewissen dat uw gps-ontvanger goed functioneerde. Eventueel had u een double-check met een ander navigatiemiddel moeten uitvoeren'. De verdachte gaf de fout toe, vond dat de voorbereiding van de tocht voldoende was geweest, maar de uitvoering van de tocht niet. De Officier van Justitie was van oordeel dat de veiligheid onvoldoende in acht was genomen en dat er onvoldoende maatregelen waren genomen om het incident te voorkomen. 'Of was het de eerste keer dat u met dit apparaat werkte ?' Nee, dat was volgens de verdachte niet het geval.
De verdachte antwoordde ontkennend op de vraag of hij een schadeclaim van zijn klanten had ontvangen. In overleg was het bedrag dat voor de tocht was betaald (f 350.-) aan de KNRM overgemaakt.

De Officier van Justitie achtte het ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen (overtreding van een niet met name genoemd artikel uit de Wadloopverordening) en eiste een geldboete van 150 euro (f 330.-) of bij niet betalen 3 dagen hechtenis. De kantonrechter veroordeelde conform.

MANNETJE TEVEEL
Voor de tweede zaak was ook de verbalisant van de waterpolitie te Lauwersoog op de rechtbank aanwezig. Hij had geconstateerd dat de gids op 24 september 2000 na een wadlooptocht naar Engelsmanplaat 13 deelnemers bij zich had, één meer dan is toegestaan. Naar aanleiding daarvan was door hem proces verbaal opgemaakt. De gids verdedigde zich door, zowel indertijd aan de verbalisant, als nu tijdens de rechtszitting, te melden dat hij met 12 personen was vertrokken, maar dat men onderweg een 13e persoon was tegengekomen die om hulp had gevraagd. Op de vraag van de Officier van Justitie waarom de verbalisant niettemin proces verbaal had opgemaakt, verklaarde de verbalisant dat hij de beoordeling of de verklaring van de gids op waarheid berustte, graag aan het Openbaar Ministerie wilde overlaten. Zijn ervaring was dat tochten door gidsen of organisaties nu en dan worden overgeboekt, waarna men welbewust met teveel deelnemers het wad op gaat. De verbalisant wilde niet uitsluiten dat dit nu ook het geval was.

De Officier van Justitie benadrukte vervolgens (zoals niet ongebruikelijk tijdens dit soort zittingen) dat de regels er niet voor niets zijn en dat het goed is dat er door agenten op wordt toegezien dat de regels worden nageleefd. Maar hij accepteerde de verdediging van de verdachte dat de eenzame 13e wadloper door de groep was opgepikt. Hij achtte de overtreding wettig en overtuigend bewezen, maar achtte dit feit niet strafbaar vanwege een situatie van overmacht. Volgens hem was door de gids een juiste keuze gemaakt. De persoon die om hulp vroeg op het wad achterlaten zou een onjuiste keuze zijn geweest, ja zelfs strafbaar, Hij eiste ontslag van rechtsvervolging. De rechter nam dit over.
Onduidelijk bleef tijdens de zitting waar de 13e deelnemer vandaan kwam, losgeraakt uit een andere groep of in zijn eentje op het wad (ver)dwalend?

ONWEERSDREIGING
De derde zaak tenslotte betrof een proces verbaal opgemaakt naar aanleiding van een incident op 16 september 2000 omstreeks 06.00 uur, omdat de gids op dat tijdstip met een groep op het wad liep van Holwerd naar Ameland bij onweersdreiging.

Door vele organisaties werden de wadlooptochten die morgen op het laatste moment afgelast. De verbalisant was telefonisch getipt door een wadlooporganisatie (!) dat niettemin toch enkele B-vergunninghouders naar Ameland vertrokken waren, zo bleek tijdens de zitting. Overigens had de verbalisant niet zelf geconstateerd dat er vertrokken werd bij onweersdreiging. Hij had collega-agenten op Ameland gevraagd de overstekende groep aan te houden en de gegevens te noteren. En hij had vanuit zijn huis achter de dijk in Noord Friesland geconstateerd dat het onweerde tussen 05.00 en 06.00 uur. Aan de hand van de aankomsttijd van de groep op Ameland (of het moment van bellen door de wadlooporganisatie?) had hij geconcludeerd dat de groep om 05.15 uur vertrokken was toen het nog rommelde in de lucht. De verdachte was vervolgens een week later door de verbalisant gebeld met het verzoek alsnog een verklaring af te leggen. Daarna was het proces verbaal opgemaakt.
Volgens de verdachte was men die ochtend om 05.45 uur vertrokken richting Ameland en niet om 05.15 uur zoals de verbalisant had gereconstrueerd. Toen was er volgens verdachte geen gerommel meer te horen en geen weerlicht meer te zien. Men had telefonisch contact gehad met de Kustwacht op de vuurtoren van Schiermonnikoog. De Kustwacht had gemeld geen nieuwe buien op de radar te zien aankomen. Daarop hadden de gids en zijn collega's besloten alsnog naar Ameland te lopen.

De Officier van Justitie achtte het ten laste gelegde niet wettig en niet overtuigend bewezen. Hij leunde naar eigen zeggen 'zwaar op de gegevens van het KNMI', die kennelijk door het OM waren opgevraagd (buienradar?) maar die tijdens de zitting niet nader uit de doeken werden gedaan. Hij eiste vrijspraak en de rechter ging daarin mee.

Sepo andere zaken
Vermeldenswaard is nog dat de zaken tegen vier andere personen die verdacht werden van hetzelfde vergrijp die onweersochtend door het OM zijn geseponeerd.

2 x gestraft voor zelfde vergrijp
In zijn laatste woord vestigde de veroordeelde er de aandacht op dat hij nu twee keer voor hetzelfde vergrijp wordt gestraft, nl. de wadloop B-vergunning is ingetrokken en er is een boete opgelegd. De rechter ging hier niet meer op in. De gids heeft twee weken de tijd tegen de straf (de boete) in beroep te gaan. Tijdens de zitting werd niet bekend of hij gebruik maakt van dit recht.

Lammert Kwant