Tochtverslag Texel -Richel -Texel, 10 - 11 april 2011

Gegevens:
10-04-11: Oudeschild 12.36 HW +60, 19.07 LW -87
Vlieland-Haven 19.45 LW -111
Onbewolkt, NO 3, dikke 10 graden, snel afkoelend na zonsondergang, 7.10 looptijd

11-04-11, Vlieland-Haven 01.56 HW +53, 08.05 LW -101
Oudeschild 07.15 LW -83, HW 13.20 +59
half bewolkt later onbewolkt, ZO 3 via windstil naar ZW 2, 5 oplopend naar dikke 10, looptijd 8.02

Voeding: acht boterhammen, drie krentenbollen, drie mueslibollen en een stroopwafel. Uur voor tocht drie borden macaroni gegeten.
Drinken: drieŽnhalve liter, te weten anderhalf l. water, anderhalf l. isotone limonade, thermosfles halve l. warme chocolademelk (bij warm weer vijf l. nodig)

Voorbereiding
Vorig seizoen liepen wij Texel-Vlieland, Vlieland-Texel en Vlieland-Richel v.v. Ter plekke verrichtten wij dit seizoen geen verkenningen. We liepen ter voorbereiding een mooie tocht naar het Rif van de Engelsmanplaat en ploeterden een keer zes uur in de modder van Zwarte Haan.
Onbekend voor ons was het tijdstip waarop het Franse Gaatje zou vollopen. Vorig jaar hadden we wel vastgesteld dat er geen diepe geulen in de zone onder Richel zijn, dus dat er geen sprake zou zijn van snel stijgend en snelstromend water. Naast wadlopen was Ben in training voor de beklimming van een 8000-er en beperkte mijn training zich tot twee keer per week hardlopen en een ŗ twee keer per week lopend naar mijn werk (ruim 6 km).

Kunst voor dit soort tochten is een goede waterstand te vinden met het juiste weer en dan ook nog kunnen. Belangrijk is een laag voorafgaand HW, met name voor de terugtocht. +40 voor Oudeschild en +50 voor Vlieland-Haven. Dat in combinatie met LW van min. -80 voor Oudeschild en min. -100 voor Vlieland-Haven biedt de mogelijkheid voor een succesvolle oversteek. Een derde factor om rekening mee te houden is het getijdenverschil tussen OS en VH. Bij springtij is dit 0.30, maar bij doodtij kan dit 1.10 bedragen. Wij liepen bij een getijverschil van 0.50. Dat houdt wel in dat de terugtocht 1.40 ongunstiger is! Dit wordt trouwens gecompenseerd door de snelheid waarmee de Vlakte van Kerken volloopt. Bij springtij gebeurt dit tot wel 0.45 eerder!

Texel - Richel
Pas op het laatste moment besloten wij 10-04 een poging te wagen. Lang bleef onzeker wanneer de wind van NO naar W zou doorslaan. Op zaterdag belde Ben (fysio) zijn patiŽnten af en nam ik het risico dat ik een vergadering op 11-04 mogelijk net niet zou halen. Onderweg naar Texel aten wij een meegenomen pan macaroni volledig leeg. Om 14.30 vertrokken wij aan de dijk bij de Schorren en na melden bij de Brandaris stapten we om 14.37 het wad op. Dat was 4.30 voor LW OS.
OriŽntatie was eenvoudig omdat het onderzoeksschip van Imares (Rivo) precies op de route lag. Daarna was het grote platform een goed richtpunt. Tot aan de Binnen Breesem niet meer dan gemiddeld kuitdiep water, daarna een zone kniediep, om vervolgens via een langzaam droogvallende bank een kwartier droog lopend het Harlingergat te bereiken. Daarna volgt het meest lastige stuk van de tocht, waarbij het belangrijk is niet te snel naar het noorden af te buigen. Geleerd hadden wij van vorig jaar toen wij Texel-Vlieland liepen en op een gegeven moment ter hoogte van de Driesprong er niet alleen achter kwamen dat er nog iemand onderweg was, maar dat die persoon in driftig tempo lopend door enkeldiep water ons in kniediep water ploeterend, in de buitenbocht aan het inhalen was. Een snelle correctie en een tempoverhoging (sorry, toch een beetje macho) voorkwam dat wij samen kwamen te lopen. Later bleek die persoon Kees Wevers te zijn en maakten wij op plezierige wijze kennis met elkaar.

Van Gasboeiengat tot voorbij de Driesprong verloopt het wantij nogal grillig en loop je door kniediep water met oesterbanken. Eenmaal op de Waardgronden wordt het eenvoudig. Het valt dan droog. We kwamen enkele grote veenklompen tegen die als een soort zwarte ijsbergen op het wad lagen. Ondertussen werd het licht fantastisch. Omdat de situatie bij opkomend water bij Richel mij onbekend was voerden we het tempo flink op en arriveerden om 21.47 op Richel, waar wij de Brandaris netjes meldden dat we veilig aan land waren. Die haast was achteraf niet nodig geweest. Ik zou volgende keer 4.00 in plaats van 4.30 voor LW OS vertrekken en verwacht dan een looptijd van 6.45 ŗ 7.00 met minder inspanning. Op Richel rolden wij onze slaapzak uit en lagen er om 22.30 in. Het uitkleden in de NO wind was niet prettig.

Richel - Texel
De nachten op Richel zijn onrustig. Ik kende tot nu toe het woord brulboei alleen als kwalificatie voor nogal luidruchtige personen, maar weet nu ook de letterlijke betekenis van het woord! Rondom zijn verder overal knipperende boeien, maar gelukkig wel een fantastische sterrenhemel. Om 02.30 stonden wij op. Het aantrekken van een nat surfpak en natte sokken behoorde tot de meest onplezierige onderdelen van deze tocht.

Om 3.15 verlieten wij Richel. De eerst zeer ondiepe zee had flinke golven. Het was bijna windstil dus ik denk dat dit een tsunami-effect was van de Noordzeedeining. Al snel liepen wij tot aan ons kruis door een bijna rimpelloze zee en schoten dus maar weinig op. Na een uur ploeteren werd het water kniediep en om 6.15 toen het langzaam aan licht begon te worden werd het enkeldiep. Het zicht naar het westen was even later bizar. De scheiding tussen lucht en water was niet te zien en voor ons uit rolden twee boeggolven van onze waterverplaatsing. Doordat het licht werd kon ik constateren dat we iets te oostelijk hadden gelopen. Ik kijk altijd naar wierstralen om het wantij te bepalen. Er geldt: hoe vermoeider je wordt hoe lonender het is om ondiep water te zoeken. Ben je nog fris dan is rechtdoor vaak de snelste manier.

Wij waren ondertussen niet zo fris meer en ook nog eens 45 minuten achter op ons tijdschema. We besloten de snel droogvallende Waardgronden af te lopen en dan te besluiten of we naar Texel of naar Vlieland zouden lopen. Aan het einde van de Waardgronden, waar we nog een skelet van een bruinvis passeerden, maar geen tijd meer hadden voor fotograferen, was de achterstand teruggebracht naar 25 minuten. Ik zei tegen Ben dat we waarschijnlijk de boot van 11.00 niet meer zouden halen en dat het wel eens langdurig zou kunnen worden, maar dat ik ervan overtuigd was op tijd voor bij de Breesem te zijn. Op naar Texel dus. Het stuk bij de Driesprong was opnieuw lastig en we verloren weer tijd op ons schema. Toen eindelijk na het Gasboeiengat het wad volledig droogviel waren de benen niet goed genoeg meer voor ons beproefde 7 km concept. De gps gaf aan dat onze kruissnelheid een kleine 5,5 km was en dat we met dat tempo om 11.13 op Texel zouden zijn, waar ik 10.30 gepland had. Dat werd dus op onze tanden bijten gedurende drie lange uren. Tot mijn verbazing bleef het wad droog. Ook al was het precies over de laatst doodblijvende rug van het wantij, wij konden zonder te waden om 11.15 aan land. Net als bij onze Vlieland-Texel tocht sloot de zee zich seconden (!) na onze laatste pas. Dit betekent dat enige vertraging meteen tot makkelijk een uur meer looptijd zou hebben geleid (werkt exponentiŽel). Redelijk afgemat bereikten wij onze auto en konden wij nog net de boot van 12.00 halen. Aan boord bleken we niet meer zo goed te kunnen lopen. 14.10 schoof ik aan bij mijn vergadering in Zeist. Mijn strompelen leidde tot hilariteit en het feit dat ik twee kannen water leegdronk wekte verbazing (toch wel enige dehydratatie opgelopen!).

Slot
Samenvattend kan ik stellen dat Texel-Richel onder goede omstandigheden een redelijk eenvoudige tocht is. De weg terug is veel zwaarder en vereist het zonder rust kunnen lopen van een redelijk hoog tempo. Voor Texel-Richel is het zaak een dag te kiezen met een zeer laag voorafgaand hoogwater. Heen en weer zo als wij deden is wel een sportieve uitdaging, maar geeft je weinig ruimte om van dat geweldige wad te genieten. Wij waren een kleine 21 uur onderweg waarvan we er een kleine 15 non-stop liepen. Ben had een aantal lelijke schuurplekken, ik veel kleine wondjes aan mijn voeten en een lamme spier.

Kees Rodenburg

Bijlage bij [email protected] 2.1