[email protected] 2.1

U bent in menu 5. Overheid

Broodkruimelpad

Home 5. Overheid 10. Ontwikkelingen rond het wadlopen

Wadloopverordening 1996

10. Ontwikkelingen rond het wadlopen


Terug naar inhoudsopgave

ACHTERGRONDEN EN BELEIDSUITGANGSPUNTEN VAN DE VERORDENING

Wanneer het wadlopen is begonnen is niet precies bekend. Volgens een oud verhaal was de eerste wadloper een boerenknecht op Rottumeroog in het begin van de 18e eeuw. Deze kreeg zo'n vreselijke ruzie met z'n baas dat hij moest vluchten voor de galg. Hij rende over het drooggevallen wad en wist tot z'n eigen verbazing het vaste land te bereiken.
Anderen maken melding van monniken die al in de 13e eeuw hun vee over het wad naar de zomerweiden van Schiermonnikoog dreven.
In ieder geval worden sinds de vijftiger jaren met enige regelmaat wadlooptochten gehouden. In het begin door kleine groepjes echte wadliefhebbers, geleidelijk is het echter uitgegroeid tot een recreatieve activiteit voor grote aantallen mensen.

Al in 1972 zijn er door de toenmalige wadlooporganisaties afspraken gemaakt over de verdeling en beperking van groepen en aantallen wadlopers. Deze afspraken zijn vastgelegd in het zogenaamde 'Traktaat van Oostmahorn'
De redenen voor een dergelijke overeenkomst waren vooral gelegen in de veiligheid, het behoud van de aantrekkelijkheid van het wadlopen en de bescherming van het wad in relatie tot het te massale wadlopen.

Sinds die tijd is het wadlopen verder uitgegroeid. Het aantal wadlooporganisaties is toegenomen, er zijn veel meer houders van B-vergunningen bijgekomen die met kleine groepen het wad op mogen, en er is een duidelijke toename geweest van de vraag naar wadlooptochten.
Het animo voor wadlopen kan gekenmerkt worden als een golfbeweging. Tussen de jaren zijn er grote verschillen. Toch is het aantal deelnemers van wadlooptochten in de periode van 1978 tot 1989 met 250 % gestegen van zo'n 14.000 deelnemers tot ca. 40.000. De grootste toename heeft zich bij de twee organisaties in Pieterburen geconcentreerd.

In 1981/1983 is er een provinciale wadloopverordening vastgesteld. Het doel van de verordening was regels te stellen ten behoeven van de veiligheid. Zowel organisaties als individuele lopers zijn sindsdien verplicht een wadloopvergunning aan te vragen. Daarbij worden eisen gesteld aan de ervaring en de uitrusting van de gidsen.

Echter niet alle ontwikkelingen vallen binnen de regelgeving van deze verordening. Te denken valt aan de zogenaamde zwerftochten en het wadlopen vanaf drooggevallen schepen. In paragraaf 3 wordt verder ingegaan op de redenen om de Wadloopverordening te herzien. Daarbij zijn de uitgangspunten zoals verwoord in het Traktaat van Oostmahorn ook op het huidige wadlopen nog steeds van toepassing.


Naar de andere onderwerpen van 'achtergronden en beleidsuitgangspunten' :

 9. Inleiding
10. Ontwikkelingen rond het wadlopen
11. Redenen voor herzien van de verordening
12. Verantwoordelijkheid en taak van de overheid
13. Visie op de gewenste ontwikkeling van het wadlopen
14. Hoofdlijnen van de nieuwe wadloopverordening
15. Handhaving, coördinatie en voorlichting
16. Wadloopadviescommissie


Bladeren door de verordening